|
Op deze site treft u informatie aan over doolhoven en labyrinten in heden en verleden, vooral in Nederland. Bovendien vindt u hier informatie over de Stichting Doolhof en Labyrint. Doolhoven en labyrinten zijn complexe vormen die de verbeelding prikkelen van veel mensen. Niet alleen als ornament, maar ook als fenomeen om in te dwalen, tot inkeer te komen, of gewoon mee vermaakt te worden. We staan stil bij de verschillen tussen doolhoven en labyrinten en maken we een rondgang langs levensgrote exemplaren in Nederland in heden en verleden. Wist U dat er in Nederland bijna vijftig doolhoven en labyrinten toegankelijk zijn voor het publiek? En dat diverse kunstenaars zich door labyrinten en doolhoven laten inspireren? De Stichting Doolhof en Labyrint is op 1 juli 2002 opgericht door een groep geinteresseerden. Deze site bevat de doelstellingen van de stichting en een kennismaking met de oprichters. Bovendien vindt u links naar andere doolhof-sites en is er een nieuwspagina. Natuurlijk staan we ook open voor het beantwoorden van vragen. Ook komen we graag vertellen over doolhoven en labyrinten in Nederland. |
In het dagelijks spraakgebruik hebben we het over doolhoven en labyrinten als ware het voor elkaar inwisselbare woorden. Toch hebben beide begrippen een net iets andere achtergrond en betekenis.
'Doolhof' en 'labyrint' zijn verschillende woorden voor ongeveer eenzelfde fenomeen: een naar een doel slingerend pad, dat wanneer het gelopen of gevolgd wordt iets doet met de wandelaar. Het brengt hem of haar in verwarring, of tot inkeer. Dat is een heel eenvoudig beginsel. Het is dan ook niet verwonderlijk dat doolhoven en labyrinten al heel oud zijn. De oudst bekende labyrinten werden al 4.000 jaar geleden in steen gekerfd.
Een bekende oude labyrint-mythe is natuurlijk die van Theseus, die met behulp van de draad van Ariadne in staat was uit het labyrint van de Minotaurus op Kreta te ontsnappen. Alhoewel het om ongeveer dezelfde dingen gaat, wordt door liefhebbers toch onderscheid gemaakt tussen doolhoven en labyrinten. Een labyrint bestaat uit één lang, slingerend pad naar een bepaald einddoel. Het lopen of volgen van een labyrint heeft meestal een symbolische en voor sommige mensen zelfs een spirituele functie. Daarnaast wordt een labyrint vaak zuiver esthetisch toegepast. Veel kunstenaars hebben zich in de loop der eeuwen door het labyrint laten inspireren. Een doolhof is ook een onoverzichtelijke weg van een begin naar een einddoel, maar bij het volgen van deze weg moeten keuzes gemaakt worden. In een doolhof splitsen de paden zich, en zijn er ook vaak doodlopende wegen. Het logo van de stichting bovenaan deze website is bijvoorbeeld een klein doolhofje. In vergelijking met een labyrint is een doolhof meer bedoeld als een spelletje, waaraan mensen plezier kunnen beleven. Ondanks hun duidelijke overeenkomsten zijn doolhoven en labyrinten van oorsprong dus twee verschillende dingen. Labyrinten zijn veel ouder dan doolhoven en hebben een heel andere betekenis dan doolhoven. Het labyrint heeft in de loop der eeuwen symbool gestaan voor vruchtbaarheidsrituelen, de banen van de planeten in het zonnestelsel en de levensloop van de mens in het algemeen. Sommige labyrinten zijn echter zo oud dat niet precies bekend is welk doel ze dienden. Geleerden denken zelfs dat het labyrint ontstaan is uit een rituele dansvorm. In het christendom symboliseren labyrinten vaak de pelgrimstocht naar Jeruzalem, de zoektocht van de mens naar het hiernamaals, of meer algemeen een weg om nader tot God te komen. Ook werden labyrinten gebruikt voor boetedoening door monniken: er werd dan biddend op handen en knieën doorheen gekropen. Het labyrint op de vloer van de kathedraal van Chartres (begin 13e eeuw) geldt als het archetype van dit soort 'tegellabyrinten'. In Nederland vinden we ook dergelijke tegellabyrinten, zoals in de St. Servaasbasiliek in Maastricht, dat echter nog maar door weinig gelovigen 'gelopen' wordt. Geschiedenis Uit onze vaderlandse geschiedenis zijn daarom nog eens zo veel doolhoven bekend als er vandaag de dag in Nederland bestaan - ongeveer vijftig. Het valt niet mee om doolhoven en labyrinten in een goede staat te houden. De vele slingerende paden vergen veel onderhoud. De meeste van de vroeger bestaande doolhoven waren haagdoolhoven - maar met name deze werden in de loop der tijd vaak juist weer opgeruimd. Nederland heeft een rijke traditie op het gebied van doolhoven, en dan met name wat betreft haagdoolhoven. Vanaf de tweede helft van de zestiende eeuw zijn doolhoven in de tuinen van kastelen en buitenplaatsen bekend. De oudste uit ons land bekende doolhof lag bij kasteel de Cannenborgh in Vaassen, waar veldheer Maarten van Rossem daar in de jaren 1553-1555 een 'dwalhoff' liet aanleggen. Dit was echter waarschijnlijk meer een mooi ornament dan een dwaaltuin: beplanting in strakke vormen die vooral bedoeld was om naar te kijken. Een kleine indruk hiervan denken we te hebben uit het klassieke plaatwerk van Jan Vredeman de Vries (1583). In de zeventiende eeuw groeit de beplanting van doolhoven echter naar manshoogte, waardoor niet meer over de hagen heen gekeken kan worden. Daarnaast worden ook splitsingen van paden opgenomen in het ontwerp: de grondvorm wordt dan dus echt een doolhof in plaats van een labyrint. De klassieke doolhof van hoge hagen dat de meeste mensen kennen ontstaat in deze tijd. De meeste Europese edelen hebben in die tijd een dergelijk doolhof in hun tuinen. Nederland vervult hiermee in de internationale tuinarchitectuur ook een tijdlang een toonaangevende rol. Uiteraard was dit soort doolhoven ook zeer geschikt voor diverse romantische aangelegenheden... Een voorbeeld was de doolhof van Gunterstein. Daarnaast vinden we in deze periode ook doolhoven als 'spelletje' voor het publiek; de bekendste daarvan stonden in Amsterdam en in de Burcht van Leiden. Het zijn meestal kleine attractieparkjes bij een herberg, waar naast de doolhof ook andere dingen te zien zijn om de zinnen te verzetten, zoals beeldenverzamelingen, bedriegertjes en fonteinen. Eind zeventiende eeuw verandert het concept van de doolhof. Naast de strakke, dicht opeen gepakte padenpatronen met hagen ontstaan nu ook de zogenaamde 'hakhoutdoolhoven': stukken bos of beplanting, waar grillige padenpatronen in zijn uitgespaard. In hakhoutdoolhoven is het niet zozeer meer de bedoeling de weg van een begin- naar eindpunt te vinden, maar om een aangenaam middagje te dwalen in soms belangrijk gezelschap. Ook worden spelletjes, thee- en trouwpartijen georganiseerd in deze doolhoven. Soms was het ook de bedoeling dat men een bepaalde route moest vinden waarbij men langs alle beelden in de doolhof kwam. Trendsettend op dit gebied is de aanleg van het Labyrint van Versailles (1675), waarvan ook kopieën in ons land werden aangelegd. Ook bij landgoed Beeckesteijn bij Velsen was een dergelijk hakhoutdoolhof. Een restant van een hakhoutdoolhof vinden we nu nog op landgoed Kernhem bij Ede. In de achttiende eeuw raken doolhoven langzamerhand uit de mode. De introductie van de Engelse landschapsstijl zorgt ervoor dat veel strakke baroktuinen helemaal op de schop gaan. Omdat vooral doolhoven van aangeplante hagen erg onderhoudsgevoelig zijn en vaak moeten worden geknipt, raken vele overwoekerd, of worden opgeruimd om plaats te maken voor vernieuwingen. Pas aan het einde van de negentiende eeuw ontstaat er weer belangstelling voor doolhoven in tuinen. Er worden dan weer regelmatig ontwerpen uit het verleden opnieuw aangelegd bij landhuizen en kastelen, zoals die bij de Paltz in Soest. Dit is een ontwerp van tuinarchitect Le Blond dat is uitgevoerd is in diverse Europese tuinen - vandaag de dag vinden we nog een verkleinde vorm bij kasteel Staverden in Gelderland. In de jaren twintig van de twintigste eeuw worden ook weer doolhoven als publieksattractie aangelegd. De doolhof bij Hotel Tjaarda (Oranjewoud, Friesland; ca. 1927) was jarenlang het doel van vele schoolreisjes en een van de bekendste en zeker de grootste van Nederland. Ook in het Plaswijckpark te Rotterdam en pretpark de Koningin Julianatoren te Apeldoorn werden zulke doolhoven aangelegd - van de laatste is nu alleen nog een restant te bewonderen. Na de tweede wereldoorlog verwatert de belangstelling voor doolhoven weer enigszins. Vele doolhoven raken weer overwoekerd, of maken plaats voor nieuwere attracties in pretparken. In sommige gevallen zorgen de bezoekers zelf voor zoveel slijtage dat meer gaten dan hagen overblijven. In de jaren negentig kent de aanleg van doolhoven echter weer een opleving. Naast diverse haagdoolhoven die ons land worden aangelegd (zoals die van het Drielandenpunt), komen echter nu ook doolhoven voor in andere materialen zoals hout, gaas, steen. Een geheel nieuwe vorm is de maïsdoolhof, die voor slechts één seizoen te bezoeken is en soms een aardige extra inkomstenbron oplevert voor akkerbouwers. Het fraaiste maïsdoolhof in Nederland totnogtoe was die bij speeltuin Klein-Zwitserland in Tegelen in 2002. Ook vindt een opleving plaats van interesse in labyrinten, waarbij aan het bewandelen van de weg door het labyrint een verfrissende en helende werking wordt toebedicht. Op deze website staat maar een zeer kleine greep uit de nu verdwenen doolhoven die bij ons bekend zijn. Er is echter veel meer onderzoeksmateriaal aanwezig en we zijn altijd op zoek naar meer. Graag horen we over doolhoven die U zich herinnert, maar die nu niet meer bestaan. Ook zijn wij op zoek naar oude ansichtkaarten of andere afbeeldingen van oude Nederlandse doolhoven. We horen het graag! Van het vóórkomen van kerk- en turflabyrinten in ons land weten we - in tegenstelling tot dat van haagdoolhoven - nog vrij weinig. Hiervoor is onderzoek nodig dat meer gericht is op de geschiedenis van de kerkarchitectuur. We horen graag van mensen die hiervan goed op de hoogte zijn. De stichting De Stichting Doolhof en Labyrint bestaat uit een via internet bij elkaar gekomen groep geinteresseerden, die in hun vrije tijd nieuwtjes verzamelen en serieus onderzoek doen naar alle facetten van doolhoven en labyrinten in Nederland. De oprichters leerden elkaar kennen dankzij de speur-activiteiten van schatgraver Ton Nennie, die als eerste in Nederland een website bouwde waarop alle doolhoven en labyrinten in ons land geïnventariseerd werden.
|